|
|
Nederland en Vlaanderen zijn niet zomaar buurlanden. Zij spreken een zelfde
taal en hebben een grotendeels gemeenschappelijk verleden. Op die
manier zijn ze bevoorrechte partners om een aantal dingen samen te
doen. Dat kan op verschillende gebieden, maar toch vooral op het breed-culturele
terrein. Opvallend is daarbij wat in de grensstreken gebeurt, want
daar raken beide landen elkaar en voelt men beter dan elders de voordelen
en de problemen van de samenwerking. Eveneens opvallend is wat Nederland
en Vlaanderen gezamenlijk in het buitenland - in "derde landen" - realiseren.
Van de verschillende samenwerkingsinitiatieven geven wij voorbeelden. Wij staan
ook stil bij de instrumenten die bestaan om de Nederlands-Vlaamse samenwerking
te bevorderen.
"De Nederlanden", het historische begrip waar onder andere het huidige Nederland
en Vlaanderen mee worden bedoeld, kennen een lange geschiedenis van eenheid
en scheiding.
Vooral de Bourgondische en Habsburgse koningen wilden de Lage Landen
samenbrengen onder hun kroon. Omstreeks 1540 slaagde Keizer Karel
V erin alle 17 Nederlandse Provinciën te verenigen. Daar behoorden
ook Franstalige gewesten toe. Voordat de gewesten een hechte eenheid
konden worden, leidden godsdienstige maar ook politieke en sociaal-economische
tegenstellingen tot grote onenigheid. De Tachtigjarige Oorlog (1568-1648) was
daar het gevolg van.
Na de Val van Antwerpen (1585) trokken vele protestanten uit het Zuiden naar het Noorden. Daar zorgden ze
mee voor een grote economische opbloei ("de Gouden Eeuw "). De Zuidelijke Nederlanden raakten achterop.
De Vrede van Munster zorgde ervoor dat voortaan tussen de Noordelijke Republiek der 7 Verenigde Nederlanden
en de Zuidelijke (Spaanse en later Oostenrijkse) Nederlanden een grens zou lopen. Dwars door het Nederlandse
taalgebied dus.
Het Zuiden werd de speelbal van de internationale politiek. De invloed
van het Frans, die al vrij groot was, werd nog versterkt. Toen het
congres van Wenen (1815) oordeelde dat Zuid en Noord herenigd moesten
worden tot het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden, waren beide delen
al erg van elkaar vervreemd. De inspanningen van koning Willem I om
Vlaanderen en Brussel opnieuw te vernederlandsen, stuitten op verzet.
De Belgische opstand van 1830 leidde ten slotte in 1839 opnieuw tot
de scheiding.
Toch bleven intellectuelen en letterkundigen contact houden over de
grenzen heen. Op 26 augustus 1849 had in Gent het eerste "Nederlandsch
Congres" plaats, onder impuls van de Vlaming Snellaert en de
Nederlander Alberdingk Thijm. Deze congressen werden door de jaren
heen afwisselend in Nederland en Vlaanderen georganiseerd. Ondertussen
maakten Vlamingen en Nederlanders afspraken m.b.t. de spelling, het
opstellen van het Woordenboek der Nederlandsche Taal, enz.
In 1927 sloten België en Nederland een Intellectueel Akkoord.
Het werd echter nooit uitgevoerd. In 1943 sloten beide landen een
Monetair Akkoord en in 1944 kwam de Benelux tot stand. Omdat men niet
alleen op het economische terrein wilde samenwerken, ondertekenden
Nederland en België in 1946 een Cultureel Verdrag. In 1980 ondertekenden
beide partners het Verdrag inzake de Nederlandse Taalunie. In 1995
ten slotte werd het Belgisch-Nederlands Cultureel Verdrag vervangen
door een Vlaams-Nederlands Cultureel Verdrag.
Volgende pagina: Instrumenten voor de samenwerking
|
|
 |